Zarzuela

het recept


Zarzuela (4 pers.)

700 gram tilapiafilet in blokjes

1 sinaasappel, het sap en de rasp

(citroen)peper

scheutje olijfolie

2 flinke uien, aan halve ringen

4 teentjes knoflook, aan schijfjes geperst

2 rode puntpaprika's

400 gram rijpe trostomaten

½ eetlepel paprikapoeder

1,5 eetlepel gedroogde oregano

3 lente uitjes

Handje platte peterselie

Strooi wat zeezout en citroenpeper over de visfilets. Terwijl je de sinaasappel raspt, vult de keuken zich met een frisse, zonnige geur. De feloranje schil glanst in je hand; de helft ervan zet je apart als kleine belofte voor later.

Pers de vrucht uit — warm, bijna honingachtig sap — en laat het als een heldere stroom over de vis lopen. Onder de folie mag de vis twintig minuten rusten, alsof hij zich langzaam overgeeft aan de citrus.

Snipper de ui, pers de knoflook, snijd paprika's en tomaten in kleine, levendige stukjes. De lente‑ui mag wat speelser blijven, in grotere ringetjes.

In de hapjespan warmt de olijfolie op tot een zachte glans. Zodra ui en knoflook erin glijden, stijgt een geur op die meteen huiselijk voelt. Zet het vuur laag; laat de paprika vijf minuten smelten tot hij bijna zoet wordt.

Dan komen de tomaten en lente‑ui erbij. Het geheel krijgt kleur, structuur, leven.

Strooi paprikapoeder, een vleugje citroenpeper, de geurige sinaasappelrasp en oregano over de pan. Terwijl alles zacht pruttelt, verandert het mengsel langzaam in een dikke, warme saus — een soort mediterrane omhelzing.

Leg de gemarineerde vis voorzichtig bovenop deze rode, geurige bedding. Giet de laatste druppels marinade erbij. Nu niet meer roeren; de vis mag heel blijven, als een zacht pakketje dat vanzelf gaart.

Met de deksel op de pan gaat het geheel vijftien minuten in een oven van 180°C, of blijft het op laag vuur zachtjes murmelen.

De saus wordt voller, de citrus verdiept zich, de vis wordt glazig en mals. Maak jhet af met wat verse, platte peterselie.